Transitievergoeding bij ontslag: berekening, hoogte en tips
Als je wordt ontslagen of je tijdelijke contract niet wordt verlengd, heb je in de meeste gevallen recht op een transitievergoeding. In dit artikel leg ik als arbeidsrechtadvocaat uit hoe je de transitievergoeding berekent, welke looncomponenten meetellen en in welke gevallen je meer kunt krijgen.
De basisberekening
De transitievergoeding bedraagt 1/3 bruto maandsalaris per volledig dienstjaar. Voor de resterende maanden en dagen wordt naar rato gerekend. De opbouw begint vanaf de eerste werkdag, dus ook bij een kort dienstverband of een ontslag in de proeftijd heb je recht op een deel pro rata.
De formule in drie stappen: tel eerst 1/3 bruto maandsalaris voor elk vol dienstjaar, dan 1/36 bruto maandsalaris voor elke resterende volle maand, en tot slot 1/1095 bruto maandsalaris voor elke resterende dag.
Stel: je bent 8 jaar en 4 maanden in dienst. Je bruto maandsalaris inclusief vakantietoeslag is € 4.000.
Volle jaren: 8 x 1/3 x € 4.000 = € 10.666,67
Resterende maanden: 4 x 1/3 x 1/12 x € 4.000 = € 444,44
Totale transitievergoeding: € 11.111,11 bruto
Maximum in 2026
De transitievergoeding is in 2026 gemaximeerd op € 102.000 bruto. Als je jaarsalaris hoger is dan € 102.000, is het maximum gelijk aan één bruto jaarsalaris. Het plafond wordt jaarlijks geïndexeerd aan de hand van de ontwikkeling van de contractlonen.
Wat telt mee als salaris?
Het bruto maandsalaris voor de berekening van de transitievergoeding omvat meer dan alleen je basissalaris. De volgende componenten tellen mee:
Altijd mee: het bruto basissalaris en de vakantietoeslag (standaard 8%, tenzij je arbeidsovereenkomst of cao een ander percentage bepaalt).
Vaste looncomponenten: een vaste dertiende maand, een structurele ploegentoeslag, een vaste eindejaarsuitkering of andere vaste toeslagen die je maandelijks of jaarlijks ontvangt.
Variabele beloning: bonussen, provisies en overwerkvergoedingen worden gemiddeld meegenomen in de berekening.
Let op: werkgevers berekenen de transitievergoeding regelmatig te laag, door variabele beloningscomponenten niet mee te nemen of de vakantietoeslag te vergeten. Laat de berekening altijd controleren.
Wanneer heb je géén recht op een transitievergoeding?
Er zijn enkele uitzonderingen waarin je geen recht hebt op een transitievergoeding. Als je zelf ontslag neemt, heb je in beginsel geen recht op een vergoeding, tenzij je werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Hetzelfde geldt als je wordt ontslagen wegens ernstig verwijtbaar handelen van jouw kant, bij het bereiken van de AOW-leeftijd, of als je werkgever failliet gaat.
Bij een vaststellingsovereenkomst is de werkgever strikt genomen niet verplicht een transitievergoeding te betalen, omdat er geen sprake is van eenzijdig ontslag. In de praktijk wordt de transitievergoeding echter als ondergrens gehanteerd en is het startpunt van de onderhandeling.
Kun je meer krijgen dan de transitievergoeding?
Ja, in meerdere situaties.
Bij een vaststellingsovereenkomst is de transitievergoeding het vertrekpunt. Als je werkgever een zwakke ontslaggrond heeft, bijvoorbeeld geen deugdelijk dossier, geen verbetertraject, geen bedrijfseconomische noodzaak, dan heb je ruimte om een hogere vergoeding te bedingen. Hoe zwakker de positie van je werkgever, hoe meer onderhandelingsruimte.
Billijke vergoeding. Als de kantonrechter oordeelt dat je werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld, kan de rechter bovenop de transitievergoeding een billijke vergoeding toekennen. De hoogte hiervan is niet wettelijk genormeerd en kan substantieel zijn. Denk aan situaties waarin de werkgever een ontslag heeft geforceerd, een verbetertraject als dekmantel heeft gebruikt of de arbeidsrelatie bewust heeft verstoord.
Cumulatiegrond (i-grond). Als de kantonrechter de arbeidsovereenkomst ontbindt op de cumulatiegrond — een combinatie van ontslaggronden die afzonderlijk onvoldoende zijn — kan de rechter een extra vergoeding toekennen van maximaal 50% van de transitievergoeding.
Transitievergoeding bij ziekte
Als je na twee jaar ziekte wordt ontslagen, heb je recht op een transitievergoeding over de volledige periode dat je in dienst bent geweest. De berekening vindt plaats op basis van je reguliere bruto salaris, niet het eventueel verlaagde loon tijdens ziekte.
Je werkgever kan de betaalde transitievergoeding onder voorwaarden bij het UWV terugvragen via de compensatieregeling. Let op: vanaf 1 juli 2026 geldt deze compensatie alleen nog voor werkgevers met minder dan 25 werknemers.
Sommige werkgevers laten het dienstverband na twee jaar ziekte bewust doorlopen om geen transitievergoeding te hoeven betalen. Als werknemer kun je in dat geval je werkgever verzoeken om mee te werken aan beëindiging van het dienstverband, zodat je de transitievergoeding alsnog ontvangt. Een arbeidsrechtadvocaat kan je hierbij helpen.
Belasting over de transitievergoeding
De transitievergoeding is bruto. Je werkgever houdt loonheffing in bij uitbetaling. Het nettobedrag dat je ontvangt hangt af van je persoonlijke belastingsituatie en je totale inkomen in het betreffende jaar. Bij een hogere transitievergoeding val je mogelijk in een hogere belastingschijf.
In sommige gevallen kan het fiscaal voordelig zijn om de uitbetaling in een ander kalenderjaar te laten plaatsvinden, bijvoorbeeld als je in het jaar van ontslag al een relatief hoog inkomen hebt genoten. Overleg hierover met je werkgever en eventueel een fiscaal adviseur.
Klopt jouw transitievergoeding?
Wij berekenen of de aangeboden vergoeding correct is en onderhandelen waar nodig over een hoger bedrag. In 95% van de gevallen betaalt je werkgever de juridische kosten.
Vergoeding laten controleren →Veelgestelde vragen
De transitievergoeding bedraagt 1/3 bruto maandsalaris per volledig dienstjaar. Voor resterende maanden reken je 1/36 bruto maandsalaris per maand, voor resterende dagen 1/1095 bruto maandsalaris per dag. Het bruto maandsalaris omvat je basissalaris plus vakantietoeslag, vaste toeslagen en het gemiddelde van variabele beloningen over de laatste twaalf maanden.
In 2026 bedraagt de maximale transitievergoeding € 102.000 bruto. Als je bruto jaarsalaris hoger is dan € 102.000, is het maximum gelijk aan één jaarsalaris. Dit plafond wordt jaarlijks geïndexeerd.
Bij een vaststellingsovereenkomst is de werkgever wettelijk niet verplicht een transitievergoeding te betalen, omdat het ontslag op wederzijds goedvinden plaatsvindt. In de praktijk wordt de transitievergoeding echter vrijwel altijd als ondergrens gehanteerd. Afhankelijk van je onderhandelingspositie kun je een hogere vergoeding bedingen.
Ja. Variabele beloningen zoals bonussen, provisies en overwerkvergoedingen worden gemiddeld meegenomen in de berekening van de transitievergoeding. Werkgevers vergeten dit regelmatig, waardoor de aangeboden vergoeding te laag is.
De transitievergoeding is bruto. Je werkgever houdt loonheffing in. Het exacte nettobedrag hangt af van je totale inkomen in het betreffende jaar. Bij een hoge vergoeding kun je in een hogere belastingschijf vallen. In sommige gevallen is het fiscaal voordelig om de uitbetaling in een ander kalenderjaar te laten plaatsvinden.
Ja. Bij ontslag na twee jaar ziekte heb je recht op een transitievergoeding over de volledige duur van je dienstverband. De berekening vindt plaats op basis van je reguliere bruto salaris, niet het verlaagde loon tijdens ziekte. Je werkgever kan de vergoeding onder voorwaarden terugvragen bij het UWV via de compensatieregeling.
Ja. Bij een vaststellingsovereenkomst is de transitievergoeding het startpunt van de onderhandeling. Hoe zwakker de ontslaggrond van je werkgever, hoe meer ruimte er is voor een hogere vergoeding. Daarnaast kan de kantonrechter een billijke vergoeding toekennen als je werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld, en een extra vergoeding van maximaal 50% bij ontbinding op de cumulatiegrond (zogenaamde i-grond).
Ja. Sinds 2020 (Wet arbeidsmarkt in balans) bouw je vanaf de eerste werkdag recht op een transitievergoeding op. Ook als je in de proeftijd wordt ontslagen heb je recht op een proportioneel deel. Het bedrag is doorgaans klein, maar het recht bestaat.