De discussie over de juridische positie van zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) is actueler dan ooit. De Belastingdienst gaat vanaf 1 januari 2025 weer actief handhaven op schijnzelfstandigheid. In de tussentijd moeten werkgevers en opdrachtgevers het doen met bestaande wetgeving en rechtspraak. En die rechtspraak biedt inmiddels duidelijke handvatten. In deze blog bespreken we twee recente zaken waarin rechters zich uitlieten over de vraag of er sprake was van een arbeidsovereenkomst of van zelfstandig ondernemerschap. Daarnaast zetten we de belangrijkste leerpunten uit het Deliveroo-arrest van de Hoge Raad nog even scherp neer.
Nagelstyliste mét ondernemersvrijheid
In de eerste zaak ging het om een nagelstyliste die zich had ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en zelfstandig werkte bij een schoonheidssalon. Ze stuurde facturen met btw en regelde haar eigen vakanties en werktijden. Toen de samenwerking werd beëindigd, stelde zij dat er toch sprake was van een arbeidsovereenkomst en niet ZZP en vorderde zij een billijke vergoeding wegens onrechtmatig ontslag.
De rechter oordeelde dat er géén arbeidsovereenkomst was. De vrouw had ondernemersvrijheid: ze was niet verplicht op vaste momenten te werken, mocht haar eigen klanten bedienen en was verantwoordelijk voor haar eigen administratie. Het feit dat ze bedrijfskleding droeg, deed daar niet aan af. Er was geen sprake van loon in juridische zin, en ook geen gezagsverhouding. De rechter paste hiermee de lijn uit het Deliveroo-arrest correct toe: alle omstandigheden van het geval zijn bepalend, en niet enkel hoe partijen de samenwerking benoemen.
Vakantieparkbeheerders: géén zzp’ers ondanks mondelinge afspraak
In een andere zaak kwam de rechter tot een geheel andere conclusie. Twee beheerders van een vakantiepark stelden bij het einde van hun werkzaamheden recht te hebben op een aanzegvergoeding. De werkgever voerde aan dat het geen werknemers waren, maar zelfstandigen zonder arbeidsovereenkomst. Toch kende de kantonrechter de vergoeding toe. Waarom?
Uit het feitencomplex bleek dat de beheerders niet vrij waren om werktijden of werkinvulling zelf te bepalen. Zij moesten elke dag aanwezig zijn, werkten volgens instructies van een operationeel manager en konden zich niet laten vervangen. Ook reden zij in een bedrijfsauto, verbleven in een dienstwoning en liepen geen financieel risico. Ze hadden bovendien geen btw-nummer en waren niet ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Kortom: alle klassieke kenmerken van werknemerschap waren aanwezig. De rechter concludeerde dat er wél sprake was van een arbeidsovereenkomst en niet van ZZP.
Wat zegt de Hoge Raad in het Deliveroo-arrest?
Het Deliveroo-arrest blijft dé juridische maatstaf bij twijfelgevallen. De Hoge Raad herhaalde hierin dat voor de kwalificatie van een arbeidsovereenkomst niet de bedoeling van partijen leidend is, maar de feitelijke uitvoering van de afspraken. Er zijn drie kerncriteria: arbeid, loon en gezag. Als aan deze elementen is voldaan, is er sprake van een arbeidsovereenkomst en geen zzp, ongeacht welke juridische vorm partijen eraan geven.
De Hoge Raad benadrukte dat ook bij veel vrijheid (zoals de vrijheid om opdrachten te weigeren of zich te laten vervangen) nog steeds sprake kan zijn van een gezagsverhouding. Zeker als de opdrachtgever inhoudelijk instructies geeft, toezicht houdt via digitale systemen of de betaling volledig controleert. In het geval van Deliveroo woog onder meer mee dat bezorgers werkten via een app waarin zij werden gevolgd, bonussen kregen en dat klanten hen zagen als onderdeel van het platform.
Conclusie: kijk verder dan de overeenkomst
De scheidslijn tussen zzp en werknemerschap wordt bepaald door de praktijk. Een KvK-inschrijving en facturen mét btw zijn niet voldoende om zelfstandig ondernemerschap aannemelijk te maken. Ook de vrijheid om werktijden te bepalen is niet doorslaggevend. Kijk naar zaken als vervangbaarheid, ondernemersrisico, inbedding in de organisatie en instructiebevoegdheid. Alle omstandigheden van het geval moeten samengenomen afgewogen worden.
Voor opdrachtgevers geldt: wil je echt samenwerken met ZZP’ers? Zorg dan dat hun werkomstandigheden ook daadwerkelijk passen bij het ondernemerschap. En twijfel je? Vraag advies vóórdat je een contract tekent. De kosten van achteraf ‘puinruimen’ zijn vaak veel hoger.

Deze blog is geschreven door mr. Stijn Blom, arbeidsrechtadvocaat bij Arbeidsadvocaat.nl B.V. Stijn heeft ruime ervaring in het arbeidsrecht en ondersteunt ondernemers en werknemers dagelijks bij uiteenlopende arbeidsrechtelijke vraagstukken. Van ontslagzaken tot het opstellen van waterdichte overeenkomsten en reglementen – met zijn praktische en persoonlijke aanpak helpt hij werkgevers en werknemers vooruit. Meer weten? Bezoek Stijn’s pagina.
Arbeidsadvocaat.nl denkt graag met u mee als u vragen heeft over ZZP’ers. Neem gerust contact op.
April 2025